Tegenvaller met keerzijde

Medellín. Omdat ik Narcos (ter info voor een bepaalde generatie: de Netflix hitserie over Pablo Escobar) niet gezien heb, was mijn voorkennis over deze stad minimaal. Tijdens de voorbereiding op onze trip kwam ik laaiend enthousiaste blogs tegen [zoals deze ]. Medellín werd een lichtend baken aan onze horizon. Na Bogotá was het ons eerste echte ‘doel’ in Colombia. Omdat je fietsend al gauw een week onderweg bent naar een bestemming wordt die bestemming daardoor nogal Een Ding. Een frisse, hippe stad met alle creature comforts die we wensten… misschien werd het zelfs wel de plek om een paar maanden te settelen na de fietstrip?!

Verwachtingsvolle selfie met op de achtergrond Medellín

Dat kon ook niet goed gaan. Dat ging het ook niet.

De ene kant

Medellín. Het is een drukke, smoggige stad zoals steden in Azië en Zuid-Amerika druk en smoggig zijn. Er is geen ontkomen aan verkeersgeluiden omdat het er altijd gematigd warm is en huizen daarom geen ramen hebben die dicht kunnen. En kunnen ze wél dicht dan sorteert dat geen enkel effect met enkel glas dat rammelt in de sponningen.
Buiten is het ook niet helemaal ontspannen; tot twee keer toe nam ik in Medellín op klaarlichte dag een afslag die ik niet had moeten nemen. Het bleek dat drugs nog steeds een rol van belang speelt in de tweede stad van Colombia en dat een leven op straat vuil en zwaar is – ook al schijnt de zon.

De andere kant

En toch hééft Medellín iets. Iets naast interessante musea [met kunst of over de recente geschiedenis], goede restaurants [we aten zwaar luxe] en een geweldige zondagse fietscultuur [de ciclovía]. Dat iets is het verhaal van verandering die plaatsvindt onder je ogen. Vijfentwintig jaar geleden was heel Medellín een no-go area met gemiddeld 20 moorden per dag. Nu kun je de toen beruchte slums bezoeken met kekke kabelbanen en beginnen toeristen een plekje te veroveren in het straatbeeld.

Pajaro 1 & 2

Op een van de talrijke groezelige pleinen in Medellín staat een in het oog springend duo dat de stad perfect typeert. Het zijn twee enorme bronzen duiven. Ze zijn identiek, al is de een er ontegenzeggelijk beter aan toe dan de ander.

 

Rechts Botero’s pájaro herado (=gewonde vogel), links de paloma de la paz (= vredesduif)

In 1995 ontplofte een rugtas vol explosieven onder de rechter vogel tijdens een muziekfestival. Er vielen 23 doden en 200 gewonden. De maker Botero (geboren en getogen in Medellín) schonk daarna een nieuwe versie van het standbeeld aan de stad. Hij had één voorwaarde: de oude, verwoeste vogel moest ernaast blijven staan ter herinnering aan de ramp en ter nagedachtenis aan de slachtoffers.

De twee beelden tonen de twee kanten van deze stad: de gecompliceerde geschiedenis van politiek- en drugsgerelateerd geweld bestaat (letterlijk) naast de herrijzenis ervan. Net als de stad is het duo verwoest én geheeld. Het pijnlijke verleden maakt deel uit van de realiteit van Medellín maar de betere toekomst evengoed.

Sinds we weg zijn uit Medellín ben ik de stad meer en meer gaan waarderen. Dat ‘iets’ wat de stad wél heeft is sterker dan dat wat het ontbeert. Al kan het ook zijn dat de afwezigheid van smog en herrie mijn beoordelingsvermogen achteraf zwaar beïnvloedt.