Rijkeluisbakkie

Om te fietsen heb je als brandstof gebakjes nodig. Gebakjes dien je te combineren met koffie. In Colombia zijn veel lekkere gebakjes én groeit veel goede koffie.
Uit de opsomming van eerdergenoemde feiten zou je kunnen concluderen dat Colombia een perfect fietsland is. Helaas is de werkelijkheid weerbarstiger.

Van bes tot kwaliteitsboon

De bordeauxrode arabica-koffiebessen vallen op wanneer we door de koffieplantages fietsen, ze zijn rijp om geplukt te worden. Dat is een ontzaglijke klus op de steile hellingen tussen de 1400 en 1800 meter hoogte waar de koffieplant hier het best tot zijn recht komt, vooral omdat niet alle bessen tegelijk volgroeid zijn en ze dus onmogelijk door een machine zijn te oogsten. Een klein leger van reizende koffieplukkers verplaatst daarom van plantage naar plantage om aan het einde van elke regenperiode (tweemaal per jaar) te plukken. Dan begint een schier eindeloze reeks aan handelingen (zeven – wassen – gisten – wassen – drogen) om uit de koffiebessen koffiebonen te fabriceren.

De volledige ‘bonenvangst’ wordt door de Colombiaanse koffiefederatie gecheckt en gelabeld als kwaliteit 1, 2 of 3. Alleen #1 mag de grens over om er zeker van te zijn dat de naam en exportwaarde (Colombia is na Brazilië en Vietnam de grootste koffieleverancier van de wereld) op peil blijft.

 

Koffie drogend tijdens het proces van bes naar boon

Koffie voor de lucky few

Dat is een te gek systeem als je in Nederland woont. Het is wat minder voor de naar goede koffie snakkende toerist in Colombia zelf – en voor de Colombianen is het ook balen. Na de export van kwaliteit 1 koffie blijven namelijk de restjes (kwaliteit 2 en 3) over: de kleine en misvormde bonen, soms licht aangevreten door beestjes of verkleurd door schimmels. Die is stukken betaalbaarder. En stukken minder lekker…

Om te voorkomen dat je het te erg merkt, wordt de koffie hier uitsluitend met grote hoeveelheden suiker ingenomen. Ook ben ik al creatieve mixjes tegengekomen van ‘tinto’ (zoals een bakkie hier heet) en ‘aguapanela’: een warme drank van suikerrietpasta. Niet mijn kopje thee.
Gelukkig heeft de verhipsterizering van de maatschappij ook zijn greep gekregen op Zuid-Amerika. In Bogotá, Medellín en in schattige dorpjes in de koffiezone zoals Finlandia is het ze gelukt wat #1 koffie achter te houden voor ons.

Tinto (zoals een zwarte bak hier heet) en zoete brandstof

Zo is het hier af en toe alsnog perfect fietsen.